Stop de moord en de diefstal!
juni 8, 2018
Een kleine geschiedenis van grote afstand
juni 14, 2018
Show all

Drie waarnemingen en de vervreemding

 

De felle, gepassioneerde en soms ook wat vijandige discussie (over en weer) over de moderne landbouw en het veganisme is bijzonder informatief en leerzaam. Het geeft me zoveel overwegingen en gedachten dat ik serieus overweeg er een nieuw boek aan te wijden.

Toen ik mijn boek ‘Ik ben een planteneter. Net als jij’ schreef in 2013 koos ik bewust de gezondheid als invalshoek. Mensen willen graag gezond en vitaal oud worden (ik ook) en ik had ontdekt (in mijn eigen leven, in dat van mijn naaste omgeving en ook uit grondig literatuuronderzoek) dat een evenwichtig plantaardig eetpatroon de beste en meest duurzame resultaten geeft. Mijn inschatting was dat opportunisme en gezonde zelfliefde voor veel mensen een goede reden zou zijn om het een kans te geven. En ik had gelijk. Het boek is destijds goed ontvangen en is nu na drie drukken met grote oplage uitverkocht. Duizenden mensen hebben de stap gemaakt.

Het zal niemand ontgaan zijn dat de toon van mijn laatste posts een andere is dan in dat boek. Ik voel een diepe verontwaardiging over de verwoestende landbouw (die vrijwel geheel in dienst staat van de veeteelt) en de ontwrichting die dat tot gevolg heeft op de ecologie, de economie, de volksgezondheid en de morele geloofwaardigheid van onze cultuur. En ik wil mensen wakker schudden: “Kijk dan, kijk dan!!” Maar wat ik schreef in ‘Ik ben een planteneter. Net als jij’ ben ik niet vergeten. De keuze voor een plantaardige lifestyle kent alleen maar voordelen: het is beter voor de dieren, beter voor de aarde, beter voor de wereldvoedselvoorziening, het is eerlijker en… je wordt er gezonder en sterker van. Waarom zou je het níet doen?

Enfin, deze andere toon, leidt ook tot een ander gesprek. Het geeft me veel nieuwe inzichten. Van de vele dingen die mij opvallen en waar ik graag verder op in zou willen gaan, noem ik er nu drie:

* EERSTE WAARNEMING *

Het eten van vlees, vis, zuivel en eieren is een diepe COLLECTIEVE CONDITIONERING omdat we dat al eeuwen en eeuwen doen (zie mijn post van 4 juni). Deze diepe conditionering leidt tot een manier van kijken die alles wat met deze industrie te maken heeft ‘normaal’ doet lijken. Dat is geen keuze, dat gaat aan elke keuze vooraf - dat is de aard van conditionering. En ik weet waar ik het over heb, want ik at al deze producten zelf ook tot mijn 41e en vond dat gewoon en verantwoord. Ik was ook zo geconditioneerd. Ik heb zelfs jarenlang een kleine zelfvoorzienende boerderij gerund waar ik koeien, schapen, varkens, kippen en ganzen hield en ook liet slachten. Ik zag niet wat ik nu wel zie. Ik zag niet dat ik dieren in gevangenschap hield en dat ik hen onnodig van hun leven beroofde.

Deze diepe conditionering maakt dat veel mensen actief de andere kant op kijken nu de ‘productie’ (alleen dat woord al) van vlees, eieren en zuivel niet langer een idyllisch boerenbedrijf is, maar een wereldwijde (en lokale!), kille, nietsontziende wrede industrie is geworden. Wie wél zou blijven kijken, moet vroeg of laat zijn of haar conditionering opgeven (en dus zijn of haar leven veranderen), dus wegkijken is makkelijker. En ik weet heel goed dat het grootste deel van dat proces onbewust verloopt, want (opnieuw) dat is de aard van geconditioneerd gedrag.

Het gesprek wordt er daardoor wel verwarrend van: er worden bijvoorbeeld argumenten gebruikt die verwijzen naar onze plek in de natuurlijke voedselketen (eten en gegeten worden), maar er is hier al lang geen sprake meer van natuur: dit is gesystematiseerde en geïndustrialiseerde roofbouw.

Hoe eeuwenoude collectieve conditioneringen kunnen worden gestopt wil ik verder onderzoeken. In mijn post over ‘conditionering en de crisis’ (4 juni) verwijs ik naar de theorieën van Thomas Kuhn en het belang van de crisis. Dat zal ook hier het geval zijn: alleen een crisis die mensen persoonlijk raakt, zal de conditionering openbreken.

* TWEEDE WAARNEMING *

Het gesprek staat bol van MISVERSTANDEN, ONKUNDE, verkeerde aannames en (sorry dat ik het zeg…) domheid. Willen we een zinvol gesprek hierover voeren, dan zullen we een aantal feiten wel gewoon samen moeten erkennen. Ik noem er slechts een paar (van de vele):

> Het grootste deel van de beschikbare landbouwgrond op aarde (naar schatting zo’n 80%) wordt gebruikt voor veeteelt: ofwel voor het houden van het vee, danwel voor de verbouw van diervoeders. Dat betreft het leeuwendeel van de teelt van mais, aardappelen, soja, granen en knolgewassen. Dit zijn harde feiten die door niemand betwist worden.

> Het verbouwen van plantaardig voedsel voor mensen is vele malen efficiënter dan het produceren van vlees en zuivel (de schattingen lopen uiteen van een factor 5 tot een factor 10). Dat betekent dat we veel meer mensen duurzaam en gezond kunnen voeden met plantaardig voedsel dan met dierlijk voedsel. Opnieuw: uitgebreid onderzocht en gedocumenteerd.

> In talloze studies is aangetoond dat gezondheid, vitaliteit en levensverwachting tóeneemt bij de áfname van de consumptie van dierlijk voedsel. In grote bevolkingsonderzoeken blijken de mensen met een plantaardig eetpatroon altijd de gezondste. En ook in het onderzoek naar de Blue Zones (de plekken op aarde waar mensen het oudst worden) blijkt een hoogwaardig plantaardig eetpatroon een overeenkomst in al deze gebieden.

> In medische rapporten wordt getwist of 70%, 80% of 90% van de medische aandoeningen onder de categorie welvaartziekten valt. Welvaartziekten zijn ziekten die worden veroorzaakt door lifestylefactoren. De hoge consumptie van dierlijk eiwit is daarin een grote factor.

> Verder kunnen we niet ontkennen dat 90+% van de productie van vlees, vis, zuivel en eieren plaatsvind op (niet-biologische) megabedrijven die we bio-industrie noemen. Daar telt alleen efficiëntie en rendement, niet dierenwelzijn, zorg voor de bodem of gezondheid.

En geloof me, dit is slechts een greep uit de onbetwistbare feiten die in deze discussie relevant zijn. Wil je je serieus mengen in dit debat (dat hoeft van niemand), wees dan in ieder geval op de hoogte van de feiten.

* DERDE WAARNEMING *

Wat ook opvalt aan de discussie is dat vrijwel iedereen (voor- en tegenstanders, vleeseters én veganisten) blijk geven van een GROTE AFSTAND tot de natuur. En dat is niet vreemd. De geschiedenis van de Westerse cultuur kan heel goed beschreven worden als een groeiende afstand tot de natuur. Wij leven een leven waarin we nauwelijks meer direct in relatie staan tot aarde. We leven (allemaal, ook ik!) in diepe vervreemding. Ik heb daarover uitgebreid geschreven in mijn boek ‘Authentiek’ en zal daar zeker op terug komen.

Ik noem twee voorbeelden die laten zien wat ik bedoel. Onder de ‘vleeseters’ hoorde ik het argument dat dieren, net als planten, hun vlees of zuivel aan mensen GEVEN. Dat kun je alleen maar zeggen als nog nooit in een slachthuis bent geweest, als je nog nooit zelf een dier hebt gedood, als je nog nooit een jonge koe voor het eerst van haar kalf hebt gescheiden en zelf hebt geprobeerd te melken… er is geen sprake van geven! Er is groot verzet en diepe diepe doodsangst (een krijsen dat je nooit meer vergeet). Dieren geven ons geen vlees en melk, we NEMEN het - met geweld.

Maar ook onder veganisten hoor ik argumenten die laten zien dat zij zijn losgezongen van de echte natuur. Want inderdaad is de natuur vanuit menselijk perspectief ‘wreed’ en staat elk dier érgens in de voedselketen. Dieren kennen geen ethisch kompas of moraal, maar leven om te overleven – dat is wat het is. Daarin in willen grijpen omdat wij als mensen het niet kunnen aanzien hoe dieren elkaar doden en opeten, geeft blijk van grote afstand

.

Ook de claim van sommige veganisten dat álle dierlijke leven gelijk is en dat dierlijk leven net zo waardevol is als menselijk leven, lijkt me onjuist en onzinnig en laat zien dat ze niet meer met en in de natuur leven. Ongewervelde dieren en insecten staan lager dan gewervelde dieren. Zoogdieren staan dichter bij ons mensen en daar voelen we meer verbinding en compassie mee dan de reptielen en vissen. En hoeveel compassie en liefde je ook voor dieren hebt, er blijft een groot verschil met menselijk leven. Niemand voelt hetzelfde bij een dood konijntje aan de kant van de weg als bij een dood mens langs de weg. Veganisten met dergelijke claims doen het gesprek weinig goed.

Ik denk daarom dat achter of onder het debat over landbouw en dierlijke voeding een veel fundamenteler gesprek schuil gaat: hoe kunnen wij als samenleving (en ook individueel) de afstand tot de aarde weer verkleinen?

Op elk van deze waarnemingen hoop ik in de komende tijd verder in te gaan. Ik dank allen die meedoen aan dit gesprek hartelijk!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *